Watersnoodheld Peter Hossfeld bezoekt Watersnoodmuseum

Afgelopen vrijdag, op wereldradiodag, bracht radiotechnicus en watersnoodheld Peter Hossfeld een bezoek aan het Watersnoodmuseum. Hossfeld wist tijdens de Watersnoodramp van 1953 met een zelfgebouwde noodzender het eerste noodsignaal vanuit Zierikzee te verzenden en het contact te herstellen tussen het zwaar getroffen Schouwen-Duiveland en de buitenwereld. Afgelopen januari vierde hij zijn 100e verjaardag.
Ter gelegenheid van zijn 100e verjaardag stond het Watersnoodmuseum stil bij de bijzondere bijdrage van Hossfeld. Met ondersteuning van de wensambulance kon hij persoonlijk naar Ouwerkerk komen. Tijdens zijn bezoek bekeek hij onder meer de noodzender die wordt tentoongesteld in de eerste caisson van het museum. Daarnaast ontmoette hij Jack van der Hoek, burgemeester van de gemeente Schouwen-Duiveland, en Barbara Oomen, de nieuwe directeur-bestuurder van het Watersnoodmuseum.
Het eerste noodsignaal
Tijdens de rampnacht kwamen grote delen van Zeeland onder water te staan en raakten afgesloten van communicatie toen de telefoonverbindingen uitvielen. Schouwen-Duiveland verkeerde in vrijwel complete isolatie. Pas in de ochtend van 2 februari 1953 werd in Middelburg voor het eerst weer een signaal vanuit Zierikzee opgevangen. Dat bleek afkomstig van Hossfeld.
Met onderdelen uit de radiowerkplaats van Weltevreden, waar hij destijds werkte, bouwde hij een noodzender. Via deze geïmproviseerde installatie wist hij de omvang van de Ramp op Schouwen-Duiveland kenbaar te maken. De eerste noodoproepen richtten zich op het inzetten van vliegtuigen om rubberboten, voedsel en andere hulpgoederen te droppen voor de getroffen bevolking.
Reconstructie van de noodzender
De radiowerkplaats van Weltevreden is tegenwoordig gereconstrueerd in museumbrasserie Het Vijfde Caisson, naast het Watersnoodmuseum. De ruimte draagt de naam van Hossfeld en toont hoe zijn geïmproviseerde noodzender een cruciale schakel vormde in de eerste hulpverlening na de Watersnoodramp.









